Loes  
 

 

Ik teken met houtskool, dikke staven met een doorsnede van ongeveer 16 mm.
Zoekend-indirect: ik veeg het getekende met de veer weg en licht met de kneedgum de witte delen op, dit wordt steeds herhaald, waardoor de tekening/ het beeld langzamerhand te voorschijn komt.
Vindend-direct: met enkele strepen zet ik de tekening neer.

Naast het kijken/ zien, is het "voelen" van de vorm/ lijn voor mij altijd heel belangrijk geweest: daarom teken ik ook met klei/ zwarte was (= boetseren).
Het boetseren is een middel om beter te kunnen tekenen, het heeft niet als doel een mooi beeldje te maken. Ik boetseer heel direct en het zijn allemaal snelle boetseerschetsen, niet langer dan 20 minuten.
Door het boetseren van de neus-mond-ogen-hals ga ik de rondingen binnen een gezicht "voelen", waardoor ik ga zien hoe de verhoudingen zijn.


Ruud over Loes:
…het werk van Loes…dat is…ongemeen fascinerend…maar je kunt al die objecten, die vazen, bekers, koralen, schalen, wieren, fantomen, dieren…die kun je niet los van elkaar zien en zeker niet los van haar tekeningen…want dat is alles gebaseerd op haar tekenwerk…dat is een tot één groot poëtisch geheel opgestuwde wereld…één organisch geheel…dat is…de mythische wereld van Loes.